Toestemmingsverlening

Hoe wordt de verwachte uitstoot van nieuwe activiteiten meegenomen in de vergunningaanvraag?

Alle activiteiten die mogelijk stikstofdepositie veroorzaken, moeten een berekening doen in de rekentool AERIUS Calculator. Op basis daarvan wordt heel precies vastgesteld wat de hoeveelheid veroorzaakte stikstof is. Als vervolgens uitgesloten kan worden dat dat geen effect op de Natura 2000-gebieden heeft (bijvoorbeeld door het opkopen van een ander bedrijf), kan een vergunning voor het aspect stikstof worden verleend.

Wat is de stand van zaken met betrekking tot beweiden en bemesten? Waarom wordt bestaand gebruik zo beperkt?

Er is met provincies afgesproken om beweiden en bemesten niet vergunningplichtig te maken. Het kabinet sluit hierbij aan bij het advies Bemesten en Beweiden in 2020 van het Adviescollege Remkes. In concrete rechtsprocedures hierover zal bij de Raad van State blijken of dit uitgangspunt juridisch houdbaar is. Vooralsnog verandert er voor de agrariër niets.

Door de extra toevoegingen van stikstofgevoelige natuurgebieden is intern salderen onmogelijk gemaakt, hoe kunnen bedrijven dan innoveren als de bodem daaronder is weggeslagen?

Bij intern salderen wordt er ruimte gemaakt voor een uitbreiding van een plan of project door binnen het bestaande project zelf met stikstofreductie ruimte te creëren. Dit staat los van het eventueel toevoegen van stikstofgevoelige natuurgebieden in de omgeving. Er vindt door gebruik te maken van intern salderen namelijk geen stijging van de stikstofuitstoot plaats die getoetst moet worden aan stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden in de omgeving.

Hoe zit het met situaties die vielen onder het ‘feitelijk gebruik’ onder de PAS? Deze hadden vaak een depositie boven de drempelwaarde vanuit de PAS?

Het klopt dat de depositie van de meldingen in de berekende stikstofdepositie zijn meegenomen. Desalniettemin zijn meldingen juridisch gezien nieuwe activiteiten. Om een vergunning te kunnen verlenen aan nieuwe activiteiten is depositieruimte nodig. Daarbij is het niet relevant of deze activiteiten nu al depositie veroorzaken. Wel leidt dit ertoe dat de feitelijke depositie verder daalt en de natuur gemakkelijker kan herstellen.

Vaak, wanneer er een innovatief plan voor de veehouderij uitgewerkt wordt die een grote positieve impact op de genoemde aspecten zal hebben, loopt het spaak bij provinciaal of landelijk gezag wanneer er toestemming moet komen om er mee te kunnen starten. Hoe kunnen we dit versnellen?

Conform de Wet natuurbescherming is een toestemming of een vergunning nodig voor alle activiteiten die stikstofdepositie met significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden veroorzaken. In sommige gevallen betekent dit dus dat ook bij het toepassen van innovatie opnieuw een vergunning moet worden aangevraagd. Bevoegde gezagen denken graag mee op welke wijze innovatieve plannen toegestaan kunnen worden.

Zit stikstofruimte interimmers in de uitgangssituatie van 1994?

Nee. Interimmers zijn technisch gezien de initiatieven die zijn gestart tussen de Europese referentiedatum van een Natura 2000-gebied (veelal 1994 of 2004), en 1 februari 2009 (de uiterste datum van correctie implementatie van de Habitatrichtlijn in Nederland).

Klopt het dat buiten de agrarische sector, die veelal over Nb vergunningen of PAS melding beschikken, veel bedrijven geen Nb vergunning hebben voor de activiteiten?

Conform de Wet natuurbescherming is een toestemming of een vergunning nodig voor alle activiteiten die stikstofdepositie met significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden veroorzaken. Er is precies in beeld welke activiteiten wél een vergunning hebben. We weten zodoende niet precies welke activiteiten géén vergunning hebben.

Wat is het stikstofregistratiesysteem en voor wie is dit systeem?

Het stikstofregistratiesysteem is een instrument dat is ontwikkeld om de vergunningverlening in de bouw- en infrastructuursector te bevorderen. In het stikstofregistratiesysteem worden de effecten van stikstofmaatregelen geregistreerd, waardoor inzicht ontstaat in de reductie van stikstofdepositie per hexagoon stikstofgevoelige natuur. Deze reductie kan eenmalig ingezet worden voor een aantal door het kabinet benoemde (economische) ontwikkelingen, die stikstofdepositieruimte nodig hebben op dergelijke hexagonen. Deze ontwikkelingen zijn op dit moment beperkt tot MIRT- en woningbouwprojecten. Het systeem toetst of er voldoende ruimte op de desbetreffende hexagonen is, op basis waarvan toestemmingsbesluiten kunnen worden verleend of, ingeval niet aan de voorwaarden voldaan, is geweigerd. Een substantieel deel van de reductie (30%) komt overigens ten goede aan de natuur en kan niet ingezet worden voor deze economische ontwikkelingen. Deze reductie wordt niet opgenomen in het stikstofregistratiesysteem.

Het stikstofregistratiesysteem is hiermee een instrument dat voornamelijk gebruikt wordt door initiatiefnemers bij vergunningaanvragen, vergunningverleners en bevoegde gezagen.

Moet ik een nieuwe NB vergunning aanvragen als ik mijn stal wil aanpassen?

Hier kunt u nagaan of het aanvragen van een nieuwe vergunning in uw geval noodzakelijk is.

Vergunningverlening niet nodig voor intern salderen. Laat toch onverlet dat bevoegd gezag toestemming moet geven voor intern salderen. Toestemmingverlening is ook voor ondernemer van belang om zekerheid te krijgen. Is dat dan niet toch een vergunningprocedure?

De Raad van State deed op 20 januari 2021 een uitspraak over de vergunningplicht bij intern salderen. De twaalf provincies en het Rijk bestuderen de uitspraken, om aan te kunnen geven wat de gevolgen zijn voor hun taak op het gebied van Natura 2000. Dit betreft onder meer vergunningverlening, toezicht en handhaving.

Is geregistreerd hoeveel stikstofruimte er inmiddels ‘vergeven’ is?

In het stikstofregistratiesysteem worden per gebied de effecten van de stikstofmaatregelen geregistreerd, waardoor inzicht ontstaat in de reductie van de stikstofdepositie. Zo wordt helder waar er ruimte ontstaat voor ontwikkelingen. De depositie als gevolg van deze activiteiten wordt ook bijgehouden in het systeem.

Ondernemers die mét vergunning (Wet Milieubeheer) na aanwijzingsdatum nog stikstof produceren, maar binnen dat ‘plafond’ blijven, zouden geen vergunning nodig hebben. Dat wil toch zeggen dat inzichtelijk zou moeten zijn om hoeveel depositie het dan (per Natura 2000-gebied) gaat?

Een ondernemer heeft toestemming nodig voor activiteiten die stikstofdepositie veroorzaken, zoals voorgeschreven in de Wet Natuurbescherming. Zolang een ondernemer de toegestane hoeveelheid depositie niet overschrijdt, is geen vergunning nodig, tenzij er sprake is van een ander type activiteit.

Om te bepalen of het bedrijf in aanmerking komt voor een vergunning Wet natuurbescherming, zal inderdaad eerst moeten worden onderzocht wat de stikstofdepositie van de activiteiten van het bedrijf is en of deze past binnen de stikstofdepositie van het bedrijf ten tijde van de aanwijzingsdatum van het Natura 2000-gebied (of meerdere gebieden). Dat gebeurt meestal op basis van de informatie uit andere verleende vergunningen, zoals een vergunning Hinderwet, Wet milieubeheer of Omgevingswet.

Indien het bedrijf in aanmerking komt dienen meerdere situaties te worden onderzocht:

  1. De depositieruimte waar het bedrijf ten tijde van het aanwijzingsbesluit recht op had;
  2. De depositieruimte van de aan te vragen activiteit of de (in dit geval) bestaande situatie;
  3. De bedrijfssituatie met de laagste (vergunde) depositie tussen de datums van de  voorgaande twee situaties.

Van situatie 1 en 3 geldt de situatie met de laagste depositie als de beschikbare stikstofruimte voor het bedrijf (het ‘plafond’). Vervolgens moet blijken of situatie 2 past binnen de situatie met de laagste depositie.

Hoe zorgen wij voor een goed toekomstbestendig juridisch stelsel voor stikstofbanken en salderen?

De Rijks- en provinciale beleidsregels geven nadere invulling aan de mogelijkheid om te salderen, waardoor de juridische houdbaarheid is geborgd . Bij de ontwikkeling van stikstofbanken wordt eveneens voldaan aan de bestaande juridische eisen rondom salderen.

Wordt stikstof als recht verhandelbaar, in vergelijking met CO2 rechten, mits gecertificeerd ten behoeve van natuurkwaliteit?

De vergunde stikstofemissies zijn alleen als vergund (dus geen recht) te beschouwen, gekoppeld aan een activiteit. Een vergunning geeft geen aanspraak op een emissierecht, laat staan dat een vergunning recht geeft op verhandelbare stikstofemissie; er is geen sprake van rechten die als zodanig een beschermd eigendomsrecht vormen, zoals de rechtbank in Den Haag onlangs ook heeft bevestigd.

Is nul-stikstofuitstoot een reële eis ten aanzien van nieuwe industrie die voor vergroening gaat zorgen?

Conform de Europese Habitatrichtlijn kan een project of activiteit pas toestemming krijgen nadat verzekerd is dat het geen significant negatieve effecten heeft op een Natura 2000-gebied. Dat kan ook bereikt worden als er wel uitstoot zal zijn, maar deze gemitigeerd is met de effecten van een bedrijf dat bijvoorbeeld stopt (extern salderen).

Welke gevolgen heeft de uitspraak van de Raad van State van over de Logtsebaan voor de borging van maatregelen, nu de grondslag voor vergunningverlening bij een afname van stikstofdepositie ontbreekt ( bijv. bij leasen of vullen van depositieruimte in SSRS)?

De twaalf provincies en het Rijk bestuderen de uitspraken, om aan te kunnen geven wat de gevolgen zijn voor hun taak op het gebied van Natura 2000. Dit betreft onder meer vergunningverlening, toezicht en handhaving. Het streven is om hier op korte termijn meer duidelijkheid te geven.

Welke gevolgen heeft de uitspraak van de Raad van State van 20 januari 2021 op de stikstofaanpak, nu voor intern salderen niet langer een vergunning op grond van de Wet natuurbescherming (Wnb) nodig is?

De twaalf provincies en het Rijk bestuderen de uitspraken, om aan te kunnen geven wat de gevolgen zijn voor hun taak op het gebied van Natura 2000. Dit betreft onder meer vergunningverlening, toezicht en handhaving. Het streven is om hier op korte termijn meer duidelijkheid te geven.