Energietransitie

In 2030 moet al minimaal 27% van alle gebruikte energie in Nederland uit duurzame bronnen komen. Dat is afgesproken in het Klimaatakkoord. Het kabinet wil dat de overstap naar schone energie gewoon doorgaat.

Hoe gek het ook klinkt, ook projecten die nodig zijn voor de energietransitie, zoals wind- en zonneparken, dragen bij aan de neerslag van stikstof op Natura 2000-gebieden. Als je kijkt naar het totaal, is het maar heel weinig (0.3 %) en het gebeurt alleen tijdens de aanleg of bouw. Op het moment dat windmolens of zonnepanelen in bedrijf zijn, leveren ze een bijdrage aan minder uitstoot. Niet alleen van CO2, maar ook van stikstof. Door het opwekken van elektriciteit met wind- of zonneparken kunnen centrales die draaien op fossiele brandstoffen (steenkool en gas) worden gesloten.

Drempelwaarde

Het kabinet kiest voor de introductie van regionale drempelwaardes. De invoering van een drempelwaarde betekent dat een (nieuw) project met geringe stikstofdepositie geen natuurvergunning nodig heeft, mits de stikstofneerslag onder die drempelwaarde blijft. Het Rijk kiest niet voor een landelijke of sectorale drempelwaarde, waarvoor veel en ongerichte maatregelen nodig zouden zijn. Met drempelwaardes per regio kunnen overheden effectiever stikstofruimte creëren. Zo kan eventuele vertraging van belangrijke energieprojecten beperkt blijven.

Vergunningverlening

Gelukkig kunnen bouwprojecten die geen stikstof uitstoten in de buurt van een Natura 2000- gebied doorgaan. Is er wel sprake van (te veel) stikstof, dan zijn er nu mogelijkheden om, met of zonder aanpassingen, een vergunning te krijgen voor het project. Zoals salderen, ecologische onderbouwing en de ADC-toets.